project

Stef Meul
Transdisciplinary.art
Theodore Verhaegenstraat 154
1060 Brussels
[email protected]
+32 488 367723

Inhoud

Projectomschrijving
Planning
Roadmap
Beursaanvraag
Context en Visie
Traject als kunstenaar
Persoonlijke Doelstellingen
Werkplan 2020-2021
Kosten en vergoedingen
Inkomsten en deelnemersbijdrage
Netwerk
Elementen van het Netwerk
Onderzoeksbronnen
Teksten ingelezen
Teksten in te lezen
Stef Meul


Projectomschrijving

Als transdisciplinaire kunstenaar richt mijn praktijk zich op artistiek onderzoek, het maken van voorstellingen en het organiseren van evenementen – met betrekking tot:
1) het houden van discursive bijeenkomsten waarin (para-) academisch gedachtegoed wordt geïnterpreteerd en toegepast in onder meer hedendaagse dans, media en performance kunst.
2) het maken van evenementen met kunstenaars in een coöperatief model, voor een transversale culturele doelgroep, in een dag en/of nacht omgeving.
3) het laten plaatsvinden van open studio sessies voor een toegankelijke, voortdurende en doorgedreven praktijk in hedendaagse dans, improvisatie en het maken van optredens.


Planning

◊ Discursieve bijeenkomsten op dinsdag- en woensdagnamiddagen van 17h tot 19h.
◊ Evenementen op maandag-, donderdag-, vrijdag- en zaterdagavonden, tijden afhankelijk van locatie en evenement. (Bijvoorbeeld: maandagavond Volksroom, donderdagavond Studio City Gate of Tri-postal, vrijdagavond Tri-postal of House VDH, zaterdagavond TicTac art centre, etc.)
◊ Open studio sessies op dindag-, woensdag- en donderdagvoormiddag van 10h tot 14h.


Roadmap

◊ 27 December 2019 om 11h: interview LE CARRE
◊ 7 January 2020 om 14h: infosessie JobYourself
◊ January tot Juni van 11h tot 13h: Open Studio sessies in Studio City Gate (annulatie sinds Maart vanwege confinement) https://www.transdisciplinary.art/open-studio/
◊ Maart tot eind Mei, woensdagavonden van 19h tot 22h: Performance/Improvisatie training in Tic Tac art center (annulatie sinds Maart vanwege confinement) https://www.transdisciplinary.art/performance-improvisation/
◊ Mei, Aanvraag beurs Vlaamse Gemeenschap (zie planning 2020-2021 in Beursaanvraag)


Beursaanvraag

Transdisciplinary.art

Artistiek onderzoek doen met betrekking tot filosofie, economie, psychoanalyse en kunst. Activeren en uitbreiden van mijn netwerk. Organiseren en publiceren van interviews. Oprichten van een stichting voor gemeenschapskunst. Houden van onderzoeksbijeenkomsten en performance/improvisatie training. 


Context en visie

Ik denk dat er nogal veel mensen en organisaties bezig zijn met het zoeken naar een manier om verder te kunnen doen wat ze vroeger deden, en waar er volgens mij veel hoop op wordt gericht, is een soort van interactieve, via het internet, manier van werken. 

Als performance kunstenaar, choreograaf of podiumkunstenaar of hoe het dan ook mag heten in het wereldtoneel, is dat natuurlijk een moeilijke manier van werken – behalve natuurlijk als de spektakelwaarde gezocht wordt in de economie van de chatrooms en chat-cams, wat natuurlijk niet mijn idee is om zo sensatiegericht te werk te gaan.

Ik denk vooral dat er een verlangen bestaat in mezelf om bepaalde dingen in een nogal een ruim beeld of tussen de werkterreinen in te verbinden, waar dat er misschien nog niet echt veel interesse voor bestaat. Desalniettemin, wil ik mij daar verder in verdiepen en om het samen te vatten zou het enerzijds gaan over economie. Specifiek over de verandering van hoe een onderneming of een publiek private vorm van winstbejag kan omgevormd worden naar een open source protocol, wat waarschijnlijk op de lange termijn via een publiek toegankelijke, shared/distributed ledger technologie zou kunnen werken, indien het huidige globale bankwezen en de gevolgen met betrekking tot de wereldbevolking en duurzaamheid van levensmiddelen tot een politieke en/of militaire conclusie komt.

Anderzijds, of daaraan gekoppeld is natuurlijk een groot filosofisch vraagstuk. Wat is het normaal in de gang van zaken of wat is de normale gang om te verdienen, waarde te creëren: wie verliest erbij, welke vorm van exploitatie, welke vorm van vernieling of transformatie wordt er teweeg gebracht bij bepaalde manieren van denken? En hoe deze om te vormen naar een – en dan komen we in het andere deel terecht – naar een kunstzinnige beleving?

Dus een kunstzinnige beleving van enerzijds een economisch denkbeeld, wat uiteindelijk een filosofische ideologie weerspiegelt, en dit te vertalen naar een kunstzinnig uiting. Waarom mijn verlangen zich op deze manier wil uiten is voor mij een grote vraag op zichzelf. Dus daar ben ik vooral geïnteresseerd in het artistieke onderzoek naar het verlangen zelf, wat op een psychoanalytische manier benaderd wordt, vooral de Lacaanse psychoanalyse. 

Waarom Jacques Lacan en waarom het verlangen om economie, filosofie en kunst als uitingsvorm van deze op een psychoanalytische manier te gaan ontleden of analyseren, komt uiteindelijk of oorspronkelijk, of hoe je dat in woorden vertaalt, uit een ervaring die ontstaan is uit een praktijk van tantra. Niet tantra zoals het vaak in het westen wordt omschreven als een verbetering van het libido of wat dan ook, eerder een manier van denken die probeert om het wereldbeeld als een non-duale manifestatie te zien van een soort van oorspronkelijke… wat dan ook, daar komt taal eigenlijk vaak de woorden tekort en dat is ook waarin Jacques Lacan in de bepaalde discoursen of in de verschillende orders van het imaginaire, het symbolische en het reële, of in de verschillende discoursen van master, capitalist, university, hysteric (wat de artistieke kennis is); en dan langs de andere kant waar het verlangen vandaan zou komen als een soort van analytisch discours, waar het verlangen naar taal ook eigenlijk aan de werkelijkheid wordt getoetst.

Als onderzoeks-vorm zou ik eigenlijk vanuit mijn eigen ervaring willen starten. Zeker na de afgelopen jaren, sinds veranderingen die in mezelf teweeg zijn gebracht door het oprichten van een gemeenschap die hopelijk nu een eigen leven kan leiden als de artist commons vzw, een alternatieve benadering van een soort van precaire ledenclub in tijdelijke co-werkplaatsen – na de startfase is dat nu uitgebouwd tot een degelijke organisatie, waar veel mensen daardoor samen met elkaar in contact zijn gekomen en steun vinden bij elkaar. 

Voor mezelf betekende dat natuurlijk een vorm van verarming op financieel en materieel vlak, omwille van mijn eigenzinnigheid en tekortkomingen op vlak van communicatie. Los daarvan zie ik ook dat door dat op te starten er nu een gemeenschap is ontstaan die voor elkaar bepaalde dingen kan doen waardoor ze zich samen sterker voelen.

Zelf voel ik mij eigenlijk meer aangetrokken om tegen de stroom in te gaan, of weg van het hele samen-gedachtegoed. Ik ga toch liever, voor persoonlijke redenen eigenlijk, mezelf als, hoe moet je dat zeggen, als subject van het onderzoek te nemen, in plaats van het te gaan zoeken in het groepsdenken. Daarom zou ik eigenlijk ook liever vanuit mijn persoonlijke situatie starten in plaats van het assembleren en samenbrengen en vergaderen en al die heel interessante vormen van samen dingen doen, die ik aan de lijve heb ondervonden en waar ik ook een soort van burn-out door heb beleeft, omwille van een soort van ja, zelf-opofferingsgevoel of een soort van missionaris idee dat zoiets echt moet bestaan ten koste van alles en nog wat, tot er eigenlijk bij mezelf geen tijd, energie, geld en eigendom meer waren om daaraan te offeren. 

Dus dan ben ik ook ietsje terug op mezelf gekomen en met diezelfde vraagstukken terug aan de gang gegaan. Hoe kan het anders? Waarom komen altijd dezelfde marktvormen terug als je in een grotere groep of een vorm van associatie opstart? Waarom is een vereniging zonder winstoogmerk vaak een weerspiegeling van een maatschappelijk denken dat dan toch wel weer die soort van zelf-ondernemingsvorm toepast, en wat voor ervaring is dat als het subject of de persoon zelf de resource is?

Die soort politiek van extractie vind ik niet echt interessant, en dat groepsgevoel is me toch iets teveel op dit moment.  Dus ik zou liever vanuit mijn eigenheid kunnen werken en het dan ook echt wel zelf doen, niet te hopen dat het door het samen te doen beter zal gaan, wat dat op zich natuurlijk wel kan, maar dat het toch niet afhangt van die factor en het toch altijd wel uiteindelijk mijn eigen kritiek of eigen waarde is die ik vanuit mezelf kan bijdragen in de mate van het mogelijke.

Daarom ga ik een jaar de tijd wil nemen, al is dat heel kort voor wat ik wil doen, maar om het te beginnen vatten in een degelijk plan, wil ik met een aantal partners samenwerken. De eerste partner is mijn huidige vorm van inkomst, wat een leefloon is bij het OCMW van Sint-Gillis, waar ik wordt begeleid om mezelf ergens te plaatsen in de maatschappij en om een woonruimte te vinden waar ik mijn persoonlijk adres kan plaatsen zodra ik uit mijn atelierruimte vertrek. Als kunstenaar is dat vaak niet zo gemakkelijk, ik heb ook redelijk veel opleidingen en scholen gevolgd en veel geld uitgegeven aan educatie, om slim en verstandig te worden, maar blijkt dat vanwege mijn autonome en kritische benadering, er niet zoveel geschikt werk of vraag is op de markt. Vandaar wil ik eigenlijk een ander pad gaan maken, waar mijn andere partner, die JobYourself heet, me met een ondernemerscoach bijstaat bij de ontwikkeling van mijn transdisciplinary.art project.

Waarom ik eigenlijk de ondernemerswereld en de activiteiten-coöperatie heel interessant vind is omdat het exact aansluit bij mijn economische vragen en gezien de globale veranderingen en de tekortkomingen van het huidige systeem in crisis, lijkt het me zeer interessant om op een andere manier aan ondernemen te doen. In andere woorden: wat voor maatschappij kan zichzelf verantwoorden? 

De eerste vorm die ik in mijn gedachten naar voor zie komen, sluit aan bij het onderzoek van Michel Bauwens en de peer to peer foundation, waar er vaak een bescherming is van een gemeenschappelijk goed. En er een tussenruimte bestaat voor de interactie met niet-gemeenschappelijke – meestal publieke, private, publiek-private, privaat-publieke – benaderingen van het omgaan met gemeenschappelijke goederen, inclusief het bestaan van mensen en een gezonde bevolking. Een praktische ideologie die door Nico Dockx en Pascal Gielen wordt omschreven als een ideologie die de totale persoon en de totale globale context waarin deze persoon zich bevindt, vooropstelt. (Valiz, 2018, pg 55). Een wereldbeeld voor een heel bloeiende manifestatie van het menselijke en niet-menselijke leven op deze planeet voor de komende jaren en millennia, hopelijk. 

Dus vanuit dat denken wil ik graag een private stichting starten met doel om deze dan op te bouwen en om te vormen naar een publieke stichting. Een stichting die zich toelegt op een, niet zozeer filantropische manier van werken, maar eerder een artistieke manier van werken. Deze stichting zou dan ook de mogelijke eigenaar worden van eigendom: mobiel, immobiel, land, kapitaal, immaterieel erfgoed. En de stichting zou dan ook de vorm zijn die tussen mij als persoon in armoede,  een leef-loner en anders-ondernemer, kunstenaar en levend wezen de functie zou vervullen als orgaan met betrekking tot bezittingen, administratieve, sociale en artistieke activiteiten. Natuurlijk is dit een heel beperkte manier van denken als het maar betrekking heeft op één persoon, de stichting kan geen voordeel verschaffen aan de oprichter en dat is ook niet mijn interesse in de oprichting van deze structuur. Die één persoon in de oprichting akte, zou ik dan ook graag omschrijven als een persoonlijkheid in de zin van Slavoj Zizek’s en Alenka Zupancic’s  manier van denken over gender en class. Wat kort gezegd een alternatieve denkwijze is die zich kritisch opstelt ten opzichte van een valse oneindigheid (Hegel) in proliferatie van gender en variëteit, dat zich dan vaak ook uit in het behoudt van verschil in sociale klasse en beperking van identiteit tot lifestyle-branding.

In plaats van zo een soort van performativiteit van klasse bewustzijn en customisering van gender, opteer ik voor één persoonlijkheid binnen deze entiteit, die de doelgroep van de stichting zou zijn. Die natuurlijke persoonlijkheid zou dan worden omschreven als M+ waar M staat voor man, niet in de zin van het mannelijk geslacht, maar in de zin van mens. En + zou staan voor het on-uitdrukkelijke, wat nooit in taal, want op zich wordt taal in Lacaanse formules van sexuatie aanzien als het mannelijke deel, opnieuw niet als man-vrouw tegenstelling, eerder als besef dat deze taal zich natuurlijk beperkt tot wat symbolisch weergegeven kan worden, wat bijgevolg als waarde kan aanzien worden in een economie die nog niet de transitie heeft gemaakt van winst extractie naar waarde generatie. 

Dus de M zou staan als een niet enkel tot een westerse gebonden vorm van universaliteit die zich niet zou betrekken tot waar iemand vandaan komt of welk lichaam ze dragen en wat voor gender identiteit wordt beoogt. Eerder voor wat deze persoon werkelijk is als subject omwille van hun persoonlijk bestaansrecht. En dan natuurlijk de + staat voor al die mogelijke vormen die een persoonlijke, culturele excessieve, kunstzinnige, hysterische, onvatbare benaderingen in zich dragen, waardoor het leven natuurlijk meer is dan een gewoon beeld, vorm, of symbolische interpretatie van de werkelijkheid.

Dit is in een notendop wat ik eigenlijk in gedachte heb. Hoe ik het graag zou ontwikkelen in een kader die beperkt is in lineaire tijd en sinds we in deze vorm nog tijd met geld gekoppeld zien, waar ik natuurlijk als kunstenaar tijd als kunst zie en geld een middel en een geloofs-vorm is; zal ik deze onderzoeken en aanvragen naar steun vanuit mijn eigen mogelijkheden toepassen, simpelweg omdat ik het anders niet wil en omdat ik anders ook vaak de zin verlies om iets te doen omdat het me dan zinloos lijkt. Dus dat doe ik vanuit mijn hart en ziel of wat je het ook mag noemen. En ik doe dat vooral graag op een geestige manier omdat het anders soms nogal droef, wel het kan tenminste een beetje voorbij gaan aan de 21ste eeuwse ecologische tragedie. Dus om daardoor eigenlijk mezelf in de eerste plaats te wapenen zodat ik open kan zijn en ik me niet moet verharden in een omgeving die zich uitdrukt omwille van de hoeveelheid geld, tijd en hoe er een surplus kan onttrokken worden. In plaats daarvan ga ik liever te werk, dag per dag, op een kwalitatieve manier van onderzoek. Een soort van object gedesoriënteerde (Zupancic, 2017, Lacan) manier van werken, die van de hak op de tak en alles en nog wat bijeen kan brengen, en over een lange periode van tijd een soort van, wat ik noem, een soort van sample pool of een databank of hoe dat je dat ook mag heten, een soort van bubbelende schuim (Sloterdijk, 2016) van alles en nog wat, dat ergens samengebracht kan worden. Dat dan eigenlijk verbindingen teweeg brengt en nieuwe levens vormt en vanuit uiteenlopende velden zoals psychoanalyse, economie, filosofie en kunst een nieuwe creatie en een potentieel nieuw concept teweeg kan brengen.

Dus in de eerste plaat ga ik dat doen via artistiek onderzoek. Lezen en opnemen van wat ik lees en het beschikbaar maken voor persoonlijk gebruik. Van zodra de middelen het toelaten wens ik de auteurs en benefactors van deze op internet beschikbare kennis, ook via de stichting correct te vergoeden. En dan in de tweede en daarheen volgende stap, daaraan gekoppeld, is natuurlijk Kant’s concept van het publiek gebruik van rede (Stanford Encyclopedia of Philosophy, 2008), the public use of reason. Een mediatie-vorm die niet noodzakelijk de logica volgt van de hedendaagse media en het private gebruik van rede. Dit kan ik natuurlijk hier niet in één twee drie uitleggen, maar ik ga dat proberen op mijn eigen manier vorm te geven, vanuit mijn eigen ervaring en intuïtie als ontwerper en praktijk als sociale choreograaf (Hewitt, 2005), zodat die vormen van kennis zich kunnen ontwikkelen vanuit een bestaande vorm, vanuit verschillende specialisering van kennis, zodat die kennis een persoonlijke manifestatie teweeg kan brengen, dat daar een soort van voedzame en levensvatbare ecosystemen uit ontstaan, en daaruit die stichtings-vorm teweeg te brengen. Dat klinkt eigenlijk al bijna als een soort van een grote bevalling, dus dat vooral via humor en kunstzinnige interpretatie samen te brengen en natuurlijk daardoor ook mijn netwerk aan te spreken. 

Na afgelopen tijd (sinds 2008), ben ik vanuit mijn eigen ervaringen als organisator van underground werkplaatsen en evenementen natuurlijk al in contact gekomen met heel veel verschillende personen. Ook vanuit mijn studies en gewoon omwille van mijn uiteenlopende interesses heb ik redelijk wat contacten opgebouwd in zeer uiteenlopende milieus, en deze opgestapeld in sociale media, emails en telefoonnummers. Persoonlijk leef ik graag een beetje op mezelf en maak ik graag tijd en ruimte voor diepzinnige contacten en vrijzinnigheid, dus wat ik graag zou doen is om die kennisdatabank individueel te contacteren. Soms wordt ik door vrienden omschreven als een dating agency – denk Sally Spectra – omdat ik vaak uiteenlopende personen met gelijkaardige noden bijeen kan brengen zodat ze er samen aan uit komen. Om een soort van gemeenschappelijke, ik zou niet zeggen broedplaats want het hoeft niet noodzakelijk weer de richting van een duiventil op te gaan –  om een positie in de maatschappij mogelijk te maken, een bepaalde ruimte die gecreëerd wordt om anders te kunnen denken over de huidige situaties – zoals bijvoorbeeld gerealiseerd wordt in het project land door Tiravanija en Kamin Lertchaiprasert. 

Waardoor er een vorm van afstand kan ontstaan, maar dan ook te midden van een stedelijke omgeving, tussen enerzijds de digitale stroom waarin dat iedereen zich wilt vormen en wilt vasthouden en uiteindelijk zich terug wilt verrijken of tenminste niet wilt verliezen wat ze hebben, op vlak van resources en tijd en levensstandaard; en anderzijds een alternatief voor de inschakeling van de nieuwe use-less class (Yuval Harari) om zich met de technologie, maar niet in dienst van de technologie, op menselijke en menswaardige manier een artistieke beleving te genereren.

Dus die ruimte daartussen (trans) te creëren waardoor dat er eigenlijk terug een beetje ademruimte ontstaat en een andere mogelijk uit de onmogelijkheden ontstaat, wat dat nooit een directe benadering is maar eigenlijk een indirecte bijzaak is. Vaak ook gewoon toevallig dat zo’n dingen, bevindingen en uitvindingen naar voor komen. Heel efficiënt, natuurlijk, maar niet interessant ten opzichte van een financiële marktvisie. 

De manier waarop dat ik deze kennis of deze vorm van omgang tussen mezelf en de dingen waar ik mee bezig ben wil in verbinding brengen, is gewoonweg door persoonlijke contacten op te bouwen. Vanuit mijn node in het netwerk naar een andere node in het netwerk. Dus een soort van moleculair bewustzijn, een soort van neural network dat vanuit mijn initiatief iets teweegbrengt met kennissen die natuurlijk al uit andere netwerken komen. De synergetische benadering die daardoor ontstaat, om die eigenlijk in een artistiek-sociaal-economische ruimte te brengen waarin een stichting zich kan vrijwaren van free-riders of freeloaders, en een soort van psychische safe-space kan creëren voor een andere manier van werken die niet noodzakelijk de logica van de markt volgt.

Dat zou een andere manier zijn om vanuit kleinschalige bezigheden het mogelijk te maken om waardig te kunnen leven vanuit een benadering van het verlangen, vanuit wat nodig is, en van wat er afstand kan genomen worden. Leren om te kunnen laten gaan, al is dat vaak niet zozeer dat wat op voorhand geloofd wordt. Ik denk dat ik eigenlijk hier een beetje aan het twijfelen ben, en dat die twijfel op zich noodzakelijk is om kunst te kunnen maken die zich niet laat verleiden tot een reactionaire propagandistische vorm. Of die propaganda kan gebruiken om te laten blijken dat zo een manier van kunst redelijk onzinnig is, want dat het helemaal geen kunst is, maar een ten dienste stelling van een andere ideologie. 

Daar wil ik me dan natuurlijk ook als kunstenaar in verdiepen, als een reflectie en een humoristische benadering van hoe bepaalde, bijna satirische manieren kunnen ontstaan uit een reflectie op wat anderen zo serieus nemen. Zeker met betrekking tot een reflectie op, of een satirische benadering van het cynische werelddenken, of de terugkeer naar een traditionele maatschappij, of het bestaan van een soort van progressieve utopie waar we allemaal samen als één groot bewustzijn zullen leven, etc. 

Dus een jaar lijkt me nogal kort om deze zaken samen te brengen, praktisch ga ik dat dan ook toepassen in de zin van een aantal maanden bezig zijn, of eigenlijk continu gedurende het proces bezig te zijn met deze vier onderdelen. 

Filosofie: lezen, opnemen en besprekingen beschikbaar maken van het werk waarin ik me aan het verdiepen ben. 

Economie: onderzoek doen via internet en kennis bijeenbrengen van de dingen die ik tegenkom en die mijn interesses dragen en die blijken volwaardige, opkomende of reeds bestaande alternatieven te zijn die de filosofie van onder meer Adam Smith, Jean-Francois Lyotard, Ayn Rand en de tekortkomingen van die filosofie; en zowel de filosofie van Karl Marx, Thomas Piketti en de tekortkomingen van die filosofie te kunnen laten floreren. 

◊ De psychologische, excuseer de psychoanalytische benadering. Verdieping in het werk van Jacques Lacan, als een begeleiding om deze verlangens en kennis, het verlangen naar kennis en uiteindelijk macht om wille van deze kennis, in goede banen te leiden en een gedreven praktijk te bedrijven die deze inzichten kan toepassen in het onderzoeksproces. 

◊ En de kunst die de benadering van deze filosofische, economische, psychoanalytische interpretaties in een kunstvorm kan gieten. Wat ik als transdisciplinaire kunstenaar doe door verschillende media bijeen te brengen, maar eveneens om met een specifiek medium te werken. Ik denk dan natuurlijk, onder andere, vooral aan beeld, taal, geluid, gevoel, beweging, zingeving.

Dus het hele proces heeft een beetje de tijd nodig om op zichzelf te kunnen staan en vanuit zichzelf te kunnen staan, om dan ook andere personen te kunnen betrekken bij dit gebeuren, wat ik nu heel voorzichtig ga doen vanwege mijn inzichten en uitputtende ervaringen – vanwege overmoed, goedgelovigheid en persoonlijke destitutie – tijdens de oprichting en realisatie van het artist commons initiatief (2016-heden).

Vanuit organisatorisch vlak zal er een noodzaak bestaan om de stichting op te richten, benefactors aan te trekken en er een kapitaal in te brengen, voorwaardes te creëren van wat de stichting dan aanziet als een artistieke praktijk die onder de voorwaarden van de economie, filosofie en ziel-omschrijving valt van deze mogelijkheden, om een andere beleving van tijd en kunstpraktijk mogelijk te maken. Daarom, en tegen beter weten in, opteer ik als verdienmodel voor – vanuit een klassieke tantrische benadering – wat het ook waard mag zijn, een vrije bijdrage verdienmodel.

Inderdaad zal er ook nood zijn aan grotere bijdragen, als ik mijn netwerk, en dit had ik bijna vergeten, ga contacteren en interviewen, want ik heb echt wel het verlangen om in de nabije toekomst, al gaat dit waarschijnlijk een aantal jaren in beslag nemen, om een zinnig gesprek te hebben met elke persoon in mijn netwerk, verleden, heden en toekomstige – en deze indien mogelijke vorm van communicatie toe te voegen aan het werk van de transdisciplinary art foundation, of in de nederlandstalige interpretatie, de stichting voor gemeenschapskunst.

Praktisch bekeken denk ik aan een aantal, dat kan gaan van één tot een vijftal interviews per week, om dan ook nog tijd en ruimte te hebben voor het herwerken en bewerken van het materiaal van deze interviews, en natuurlijk gedurende de rest van de tijd verder te kunnen onderzoeken met betrekking tot: economie, kunst, filosofie en psychoanalyse, en deze onderzoeksprocessen ook te kunnen delen in deze gemeenschap. 

Waarom het onderzoeksproces niet helemaal gewoon publiek kenbaar te maken is natuurlijk ook duidelijk, omdat het verschil tussen een gemeenschappelijk gedachtegoed en een publiek gedachtegoed een andere vorm heeft – beroepsgeheim, confidentialiteit, etc. In een gemeenschappelijk gedachtegoed kunnen bepaalde vormen van onderzoek en informatie gedeeld worden die niet zouden geschikt zijn om zomaar zonder consensus in het publieke domein te publiceren. Simpelweg omwille van de noodzaak om gemeenschappelijke overeenstemming en vertrouwen te smeden tussen de personen en actoren en organisaties die instemmen om op hun eigen wijze een dergelijke filosofie wensen na te streven en zich geen risico, zich geen problemen te willen laten oplopen door middel van gevoelige informatie, of alles en nog wat dat te maken kan hebben met vervolging van het gemeenschappelijk gedachtegoed ten opzichte van een privaat-publieke benadering. Een whistle-blower heeft alle belang bij een omgeving die zijn veiligheid kan garanderen ten opzichte van autoritaire staten, politieke verhoudingen, commerciële belangen, etc.

Een gedachtegoed veroordelen of het per definitie uit te sluiten van een gemeenschap, snoert eerder de kritiek de mond en laat te veel ruimte voor onzinnige extremen en vormen van populisme die dan zonder redelijke dialoog en inzicht tekeer kunnen gaan. Het uit de doeken doen van wat de aanhanger van een bepaald gedachtegoed voor staat, biedt vaak een inzicht op de structurele problematiek van dit gedachtegoed, en de mogelijkheid om een redelijke communicatie teweeg te brengen.

In een gemeenschappelijke benadering is er een mogelijkheid om een proces aan te gaan dat uitgaat van de menswaardigheid van de persoon, ongeacht hun overtuiging of afkomst, en door middel van het erkennen van gemeenschappelijke noden en interesses, een ruimte voor het samenleven van tegenstellingen mogelijk maakt, in de mate van het mogelijke en met respect voor het gemeenschappelijk goed.


Traject als kunstenaar

In 2016, bij aanvang van de galerij, Hernoemde ik mijn Smart activiteit ‘sign6’ werkplaats voor podiumkunsten tot ‘artist commons’. Ik maakte geen gebruik meer van deze activiteit, omdat we geen inkomsten hadden om deelnemers te werk te stellen en omdat ik een professionele rekening bij Triodos opende met artist commons als een feitelijke vereniging, voor het bijeenbrengen van de ledenbijdrages om de huur en kosten te betalen.

Ik had als plan om de structuur van de feitelijke vereniging om te zetten naar een stichting en later een publieke stichting te worden. In de ontwikkelingen van de artist commons in het huis VDH achtten de deelnemers dit idee onrealistisch en opteerden we voor de oprichting van een vereniging zonder winstoormerk. Voor deze verandering werd de Triodos rekening hernoemt in artist commons asbl.

De beslissing van de deelnemers om een asbl, en niet een stichting op te richten, bracht me terug tot het herdenken van dit idee, wat geïnspireerd werd uit mijn onderzoek naar de globale commons en hun economisch model dat de problemen van lokale resilience aangaat, en naar de opstart van een nieuw project: transdisciplinary.art 

Dit is een persoonlijk initiatief om een structuur van een private en/of publieke stichting op te richten. Deze structuur die eigendom commonifieert, gemeenschappelijk goed verzekert voorbij erfrecht, door middel van een legaal bindende akte, daardoor een legale preventie aangaat tegen de risico’s van freeloaders, gentrificatie, extractie van waarde, coöptatie, en andere legale achterpoortjes in private, verenigingen, coöperatieve en publieke wetgevingen sluit.

Sinds de start van de artist commons in 2016, heb ik geleidelijk aan al mijn werkmaterialen, geld, energie en tijd in dit project geplaatst, tot ik geen geld meer had om te voorzien in mijn ziektekostenverzekering en eten. In 2019 heb ik contact opgenomen met het OCMW, om me te helpen met mijn precaire situatie. Ze begeleiden me om werk te vinden dat kan gecombineerd worden met mijn artistieke praktijk, om een legale woonplaats te vinden naast mijn werkruimte en adviseerde me om op voorhand te laten weten wanneer ik een Dimona aangifte maak door mijn Smart activiteit, zodat ze mijn leefloon kunnen aanpassen in overeenstemming met mijn artistieke activiteit.

Bij aanvang van 2020 adviseerde mijn werkbegeleider me om contact op te nemen met JobYourself. Ik heb een aanvraag ingediend met transdisciplinary.art en de pre-testfase begonnen als kandidaat ondernemer van het traject met een ondernemingscoach. Mijn coach is zeer geïnteresseerd in het project, maar heeft nog nooit een dergelijk project begeleidt en adviseerde me om een ondernemingsplan te ontwikkelen dat een interactie met de markt beoogt. Het onderzoek van transdisciplinary.art is in dit opzicht een project dat een economie dient te ontwikkelen tussen de publieke instituten, de staat, the bedrijfswereld en de autonome kunstenaars; startend met mezelf als een test-case om armoede via zelfvoorzienigheid naar het in staat zijn om voor anderen te kunnen voorzien.

Het idee om een stichting op te richten is niet de meest voor de hand liggende vorm om op korte termijn het armoede probleem op te lossen. Daarentegen, op de lange termijn beschouw ik dit als de meest geschikte vorm voor dit traject, om een structurele oplossing van een persoonlijke situatie naar een veel voorkomend fenomeen dat ver voorbij gaat aan mijn eigen situatie.

In Maart 2020 werden twee publieke activiteiten van transdisciplinary.art, Open Studio in City Gate en Performance/Improvisation training in Tictac art center, geannuleerd omwille van de maatregelen ter preventie van de pandemie. Dit bracht me tot een reflectie van wat het essentieel deel is van transdisciplinary.art in een situatie waarin mijn performance en danservaring beperkt werd op sociaal vlak. Ik besliste om niet in de trend van online performance deel te nemen, omdat ik dat niet wil doen. Terwijl streaming, podcasting, patreon posting, you tube channeling en wat dan ook aan het floreren zijn, vind ik deze niet echt essentieel voor transdisciplinary.art. Deze vormen kunnen nagenoeg gereduceerd worden tot tele-presence en in het beste geval een inkomen bieden aan de meest populaire gebruikers, terwijl het network dat de data streamed, de voornaamste beneficiary is van deze kunst en entertainment praktijk.

In plaats hiervan koos ik voor een bescheiden artistieke praktijk die met een persoonlijke benadering werk, kleinschalig en gebaseerd is op vrije bijdrage. De website is een ruimte om het onderzoeksmateriaal te verzamelen, kunstenaars te presenteren en nieuws aan te kondigen. Ik activeer mijn sociaal netwerk en contacten die ik heb opgebouwd sinds 2008, wanneer ik begon met het organiseren van alternatieve werkplaatsen en evenementen voor podiumkunsten. De komende maanden ga ik deze personen en organisaties contacteren, om indien mogelijk een interview te maken en indien gewenst de resultaten te publiceren. De thematiek van de interviews is afhankelijk van het contact, geordend maar niet beperkt tot filosofie, economie, psychoanalyse en kunst. Dit netwerk bestaat ongeveer uit 3000-5000 personen internationaal, met een meer lokale basis van 500-1000 personen. Uit deze contacten wil ik de personen die wensen geïnterviewd en gepresenteerd te worden op de transdisciplinary.art website, toe te voegen als de beneficiaries van de stichting. Tijdens deze ontwikkelingsfase kunnen deze deelnemers vrijwillig helpen met het kenbaar maken van transdisciplinary.art in hun eigen netwerk en het in contact brengen van benefactors met de stichting.

Voor benefactors zal de stichting zich registreren om het mogelijk te maken om belastingvoordelen te verkrijgen voor giften en donaties aan de stichting. Eveneens, indien gewenst, zal de benefactor vermeldt worden op de website. De stichting zal niet ingaan op commissies, noch dienst doen als werkmiddel voor de benefactors interesse. In plaats hiervan zal transdisciplinary.art een territorium en werkmiddelen voor haar beneficiaries beschikbaar maken door tussenkomst van de stichting als beheerder en het mogelijk maken voor publieke en private partners om in interactie te komen met een artistiek gemeenschapsgoed, dat het ontwikkelt in een vredelievende en levendige interpretatie van de wereld.


Persoonlijke doelstellingen voor atelier en cunst-link galerij

◊ Het gebruik van de ruimte intensifiëren.
◊ De deelnemers in de ruimte diversifiëren
◊ De financiering van de activiteiten diversifiëren.
◊ De kosten van de ruimte gelijkstellen aan de inkomsten uit activiteiten.
◊ Met de Smart activiteit mezelf, de organisatoren en de deelnemers te werk stellen.
◊ Evenaren van ocmw leefloon met inkomsten uit activiteiten. > 930 euro netto/maand.
◊ Het huurcontract overdragen naar een private stichting en/of een andere organisatie.
◊ Huren/lenen/aankoop van een fijne en legale werk- en/of woonplaats.

Werkplan 2020-2021

◊ 2020
◊ Januari: Open Studio @ City Gate.
◊ Februari: Open Studio @ City Gate. Interviews i.v.m. onderzoek over verlangen.
◊ Maart: Performance/Improvisation @ Tic Tac art Center, uploaden video-archief.
◊ April: Herorganisatie van artist commons asbl, overname van huur en kosten van cunst-link, presentatie installatie Trumpet, tune and air in cunst-link.
◊ Mei: aanvraag beurs, organisatie van netwerk, organiseren portfolio. Transcriptie interviews over verlangen. Contact opnemen met cultuurloket i.v.m juridisch advies en notariaat voor opstart stichting en registratie van fiscale voordelen voor benefactors.
◊ Juni: overdracht city gate huurcontract naar artist commons asbl, overdracht triodos rekening naar artist commons asbl beheerders, contacteren netwerk, upload portfolio en video-archief, publicatie artistiek onderzoek op website.
◊ Juli: start interviews, publicatie interviews over verlangen op website, publicatie artistiek onderzoek op website.
◊ Augustus: interviews, publicatie artistiek onderzoek op website, onderzoeksbijeenkomsten.
◊ September tot Januari: hosten programma van cunst-link curatoren Giulia Blasig en Dounia Mojahid gesteund door jaarwerking subsidie Bruxelles Wallonie.
◊ September-Oktober-November-December: interviews, artistiek onderzoek publicaties op website, onderzoeksbijeenkomsten, uitbreiden netwerk i.v.m. oprichting van de stichting, administratieve voorbereiding voor opstart van de stichting, heropstart performance/improvisatie training in Tic tac art centre en City Gate (afhankelijk van resultaat beursaanvraag en beschikbaarheid van de zaal)
◊ 2021
◊ January: oprichting van stichting voor gemeenschapskunst.
◊ Januari-Juni : vinden van geschikte woonruimte, overdracht van cunst-link naar beheer door de stichting, performance/improvisatie training in Tic tac art centre en City Gate (afhankelijk van resultaat beursaanvraag en beschikbaarheid van de zaal), interviews, artistiek onderzoek publicaties op website, onderzoeksbijeenkomsten, uitbreiden netwerk i.v.m. stichting,  schrijven en publiceren van jaarverslag, schrijven van subsidieaanvragen, overgang van pre-test naar test fase in traject van JobYourself.


Kosten en vergoedingen

◊ Opnamemateriaal voor interviews (zoom H1n audio recorder) = 88€
◊ Kosten ivm oprichting stichting = <3500€
◊ Huur atelier (9 maanden) = 3960€
◊ Internet = 180€
◊ Website host = 131€
◊ Elektriciteit = 1350€
◊ Verzekering = 612€
◊ Verplaatsingskosten voor interviews = <800€
◊ Vergoeding voor deelnemers interviews = <8000€
◊ Eigen vergoeding voor artistiek onderzoek, organisatie bijeenkomsten, transcriptie van interviews, herwerken van materiaal, publiceren van resultaten, geven van training: 20 uur/week, gedurende 9 maanden, netto loon via smart activiteit = <10000€ (17649 loonbudget + 6,5% administratie kost)

Inkomsten en deelnemersbijdrage

◊ Samenwerking met curatoren Giulia Blasig en Dounia Mojahid, cunst-link jaarwerking subsidie Federation Bruxelles Wallonie, tegemoetkoming in de huur en verbruikskosten, van Mei tot Januari maandelijks 348 euro – 6,5% administratie kost.
◊ Vrije bijdragen deelnemers bijeenkomsten, Performance/Improvisatie training = > 450 euro jaarlijks
◊ Computer en software, kopieermachine, scanner, printer, stapelsnijder, boek bind materiaal, foto, video materiaal = eigen inbreng.


Netwerk

Mijn netwerk bestaat uit contacten opgebouwd vanuit mijn activiteiten als organisator van festivals, kunsten-werkplaatsen, opstarten van collectieven en kunstenaars-gemeenschappen, en vanuit mijn deelname aan workshops, studies en persoonlijke activiteiten. 


Elementen van het netwerk

Transdisciplinary.art, Cunst-link, 60-days of Improvisation workshop, artist commons, performance art brussels, apass, sign6, le chien perdu, Sandberg institute dirty art department, AHK moderne theaterdans, HKU digital video design, Ponderosa workshop, Paf summer university, Stage flavour, Department of bad television, Etat ouvert, Unlike very performing conditions festival, Performing desires festival, You can call me page collective, nowhereart collective, school of love, tantra la limite, narafi film en tv, Rudolf Steinerschool Gent, Communa, Entrakt Studio City Gate, Instant Collective, Parts Summer School, familie, vrienden en persoonlijke contacten.

◊ Schatting aantal contacten via email en/of telefoon = 3160
◊ Schatting aantal contacten via persoonlijk bericht in sociaal netwerk = 7466
◊ Deelfactor mogelijk dubbele contacten = 40 %
◊ Schatting aantal contacten in netwerk = 4250

Dit netwerk wordt eerst georganiseerd naargelang beroep (bvb danser/performer), huidige verblijfplaats en plaats van herkomst, indien van toepassing (bvb Brussel/North-Dakota) en contact gegevens (email, telefoon, social netwerk profiel).

Daaropvolgend wordt er vanuit mijn eigen inzicht contacten aangegaan en,  indien de persoon interesse heeft, een afspraak gemaakt voor een interview. De vragen worden vooraf doorgestuurd, zodat de persoon zich kan voorbereiden vooraleer het interview aan te gaan. Na het interview wordt de opname uitgeschreven en wordt de persoon gecontacteerd om de tekst door te nemen, eventueel aan te passen en mogelijks te publiceren op de website, al dan niet in combinatie met teksten uit interviews met andere personen omtrent dezelfde vragen. Het is eveneens mogelijk om pseudoniemen te vermelden indien de persoon wenst om anoniem deel te nemen.

Indien mogelijk, afhankelijk van de beursaanvraag en het beschikbaar budget, wordt de persoon vergoed voor de deelname in het tot stand komen van de publicatie van het interview, ten bedrage van 75 euro netto per persoon, via de smart activiteit als artistieke prestatie (140,89 euro loonbudget + 6,5% administratie kost per persoon).
Het aantal interviews per week kan gaan van minimum één tot een vijftal, dus op jaarbasis ongeveer tussen de 52 en 260 interviews ter publicatie. (260 interviews = 36660 euro loonbudget + 6,5 % administratie kost.  52 interviews = 7326,28 euro loonbudget + 6,5 % administratie kost)

In February 2020 vonden er zeven interviews plaats gedurende mijn deelname met Transdisciplinary.art aan het a-C Gif event in het Huis VDH. Deze interviews hadden als thema het onderzoek over verlangen, en worden nu door mezelf uitgeschreven om daarna de deelnemers te contacteren voor het nagaan van de tekst en mogelijke publicatie op de website. De vragen voor deze ‘Desiring interviews’ praktijk zijn: 

– Can you tell me what are your most important desires?
– How do your desires relate with your dear ones?
– What bothers you?
– What can you do to contribute to the future of the world?
– What are your limits and what are you absolutely against?
– What are the conditions for realisation of your (artistic) practice?
– What do you produce?
– How do you make money?
– What do you want to do with others?
– How does your day and week look like?
– Other comments and thoughts?


Onderzoeksbronnen

Tekst ingelezen

Deze teksten zijn reeds tot audioboek omgevormd en toegevoegd aan de website en archive.org. Dit materiaal dient uitsluitend voor persoonlijk gebruik, een werkmiddel voor het maken van besprekingen en als inspiratie voor onderzoeksbijeenkomsten.

Jacques Lacan
Jacques Lacan
Slavoj Zizek
Jacques Lacan
William Morris
Jacques Lacan, Joan Copjec
Alenka Zupancic
Gérard Pommier
Atilla Halsby
Jacques Lacan
Reza Naderi
Mark Fisher
GWF Hegel
Slavoj Zizek
Slavoj Zizek
Jacques Rancière
Jacques Lacan
Jacques Lacan
Slavoj Zizek
Alenka Zupancic
Stengers, Pignarre
Alenka Zupancic
Jacques Lacan
Nedoh, Zevnik
Barbara Cassin
Slavoj Zizek
Dylan Evans

Teksten om in te lezen

Deze teksten staan op de verlanglijst ter verdieping.

◊ Jacques Lacan, Book 6, Desire and it’s Interpretations
◊ Peter Sloterdijk, Spheres trilogie
◊ Jean-François Lyotard, Libidinal Economy
◊ Joan Copjec, Read my Desire
◊ Hegel, Philosophy of Right
◊ Bracha Ettinger, Matrixial Borderspace
◊ Jameson, Postmodernism
◊ Garry, Pearsal, Women, Knowledge and reality
◊ Gielen, Dockx, Commonism, new esthetic of the real
◊ Petersson, Johansson, Holdar, Callahan, The Power of the In-Between
◊ Smith, Wealth of Nations
◊ Rand, Branden, Greenspan, Hessen, Capitalism, The Unknown Ideal
◊ Piketty, Capital and Ideology
◊ Invisible Comittee, Now
◊ Vaneigem, Revolution of Everyday Life
◊ Kraus, Lotringer, Hatred of Capitalism
◊ Marx, Grundrisse
◊ Berardi, Precarious Rhapsody
◊ Deleuze, Logic of Sense
◊ Malabou, The Future of Hegel
◊ Beauvoir, The Second Sex
◊ Ruti, The Singularity of Being
◊ Beckman, Between Desire and Pleasure
◊ Phaller, Interpassivity
◊ Hegel, Phenomenology of Spirit
◊ Zizek, How to Read Lacan
◊ Lacan, Book 7, The Ethics of Psychoanalysis
◊ & others


About Stef Meul


Projectomschrijving
Planning
Roadmap
Beursaanvraag
Context en Visie
Traject als kunstenaar
Persoonlijke Doelstellingen
Werkplan 2020-2021
Kosten en vergoedingen
Inkomsten en deelnemersbijdrage
Netwerk
Elementen van het Netwerk
Onderzoeksbronnen
Teksten ingelezen
Teksten in te lezen
Stef Meul